Koerlandse koloniën?

Koerland (Duits: Kurland) is een historische regio in Letland, ruwweg gelegen tussen de Oostzee en de Golf van Riga.

Het gebied is genoemd naar de oorspronkelijke bewoners, de nu totaal vergeten Koeren, die later in de Letse bevolkingsgroep zijn opgegaan. In 1561 werd Koerland met het naburige Semgallen een hertogdom als leen van de Poolse koning Sigismund August. Het werd in 1795 een Russisch gouvernement en is sinds 1918 een deel van Letland.

Het landschap dat ooit Koerland was, is vlak en moerassig, vol meren en doorsneden door vele rivieren, waaronder de (we gebruiken de oude Duitse benamingen) Aa (nu Lielupe) en de Windau (nu Venta). De hoofdstad was Mitau (nu Jelgava).

De Koerlandse kolonisatiepogingen
Klein maar welvarend, speelde het hertogdom een bescheiden rol in de Europese kolonisatiepogingen in zowel West-Afrika als het Caribisch gebied. Die koloniën werden gesticht onder Jakob (von) Kettler (1610-1682), hertog van Koerland en Semigallië.
[Jakob (von) Kettler]

Tijdens zijn regeerperiode (1642-1682) vestigde het hertogdom handelsbetrekkingen met alle belangrijke Europese mogendheden. Jacob stichtte een van de grootste handelsvloten van Europa, met als belangrijkste havens Windau (nu Ventspils) en Libau (nu Liepāja). Diens vloot maakte al in 1637 reizen naar de West-Indië, waar Koerlandse kolonisten hun eerste kolonie op het Caraïbische eiland Tobago stichtten. De eerste poging was een mislukking, maar de kolonie werd in 1639 heropgericht en versterkt met Fort Jakob.
[Het minieme St. Andrew's Island]

In 1651 pachtten Koerland en Semigallië een kolonie in Afrika op St. Andrew's Island (nu Kunta Kinteh Island) in de monding van de Gambia-rivier van de Koning van Niumi en bouwden daarop vervolgens, jawel, Fort Jakob. Het hertogdom pachtte ook St. Mary Island (nu Gambia's hoofdstad Banjul) van de Koning van Kombo en Fort Jillifree (nu Jufureh), eveneens van de Koning van Niumi. Deze mini-koloniën van Koerland en Semigallië exporteerden suiker, tabak, koffie, katoen, gember, indigo, rum, cacao, schildpadschilden, evenals tropische vogels (en hun zeer gewilde veren). Uiteindelijk wist het hertogdom de controle over deze gebieden minder dan tien jaar te behouden en werden de koloniën in 1664 formeel aan Engeland afgestaan.

Het einde
De koloniën gingen mede verloren, omdat de Europese buren van Koerland en Semigallië profiteerden van de verzwakte verdediging tijdens de slepende zogenaamde Noordse Oorlogen tussen 1558 en 1721, toen Koerland van 1658 tot 1660 door het Zweedse leger werd bezet. Na het einde van de oorlog werd het eiland Tobago teruggegeven aan Koerland. Het hertogdom verliet het eiland echter in 1666. In 1668 probeerde een Koerlands schip Fort Jakob te heroveren, maar werd verdreven door het Nederlandse garnizoen dat intussen op het eiland was gestationeerd.

No comments:

Post a Comment